Mama’s moeten lief zijn, zacht zijn & lekker ruiken
Een zin die is gebleven. Mijn moeder zegt al mijn hele leven tegen mij en mijn zusje: mama’s moeten lief zijn, zacht zijn en lekker ruiken. Hoe ouder ik word, hoe meer ik voel hoeveel er in die woorden besloten ligt. Want uiteindelijk gaat die zin over één diep gevoel: wat er ook gebeurt, mama is er voor jou.
Over mama’s die lief zijn, zacht zijn en lekker ruiken
Toen ik jonger was, hoorde ik die zin vooral als iets liefs, iets wat gewoon bij haar hoorde. Inmiddels voel ik hoeveel er eigenlijk in besloten ligt. Het is niet zomaar een opsomming van hoe een moeder zou moeten zijn. Er zit iets veel groters onder. Iets geruststellends. Iets warms. Bijna iets troostends.
Zacht zijn gaat voor mij over knuffelen. Over nabijheid. Over het gevoel dat er iemand is bij wie je terechtkunt, zonder dat je eerst iets hoeft uit te leggen. Als kind zijn het vaak niet de grote woorden die je onthoudt, maar het lichaam van de liefde. Een arm om je heen. Een hand over je haar. Op schoot mogen kruipen. Vastgehouden worden als iets pijn doet, of als je zelf nog niet precies weet wat er eigenlijk aan de hand is. Zacht zijn is niet zwak. Het is een vorm van bedding. Een plek waar iets in jou mag landen.
Lekker ruiken draagt voor mij herinnering. Misschien wel meer dan woorden dat kunnen. De geur van je moeder kan een hele wereld oproepen. Een parfum, een crème, een jas, pas gewassen kleding, de badkamer in de ochtend, een omhelzing voor het slapengaan. Geur is zo sterk verbonden aan herinnering. Soms heb je maar één moment nodig om jaren terug te zijn. Ineens ben je daar weer, in een keuken, een slaapkamer, een gang, een vakantiehuisje, een winterjas. Alsof iets in jezelf direct weet: hier ben ik veilig, dit ken ik, dit is vertrouwd.
En lief zijn. Tja. Liefde is misschien wel het meest wezenlijke wat er is, en tegelijk het moeilijkst om helemaal te vatten. We hebben het overal op aarde nodig, maar het begint vaak in de eerste verbinding tussen moeder en kind. Een kind dat wordt gedragen en grootgebracht in liefde, stapt anders het leven in dan een kind dat die liefde niet of te weinig ontvangt. Liefde geeft een basis. Niet omdat het leven daardoor zonder pijn of verlies zal zijn, maar omdat er diep vanbinnen iets is neergelegd dat zegt: jij mag er zijn. Je bent welkom. Je bent goed zoals je bent.
Wat een moeder meegeeft
Misschien is dat wel wat een moeder uiteindelijk meegeeft. Niet alleen zorg, niet alleen aanwezigheid, niet alleen ritme en structuur, maar een innerlijk weten. Een kind dat mag voelen: ik ben geliefd, ik ben veilig, ik ben goed zoals ik ben. Dat is niet iets kleins. Het is iets wat een leven lang doorwerkt: in hoe je naar jezelf kijkt, hoe je je verhoudt tot anderen, hoeveel zachtheid je jezelf later gunt en hoeveel vertrouwen je hebt dat je niet eerst iets hoeft te bewijzen om liefde waard te zijn.
Juist daarom raakt de zin van mijn moeder me nu misschien meer dan vroeger. Omdat ik begrijp dat het niet alleen gaat over moeders, maar ook over wat kinderen van binnen meenemen. Het is misschien wel het mooiste gebaar van een moeder naar haar kind: iets achterlaten dat blijft, ook als haar stem allang niet meer letterlijk in de kamer klinkt. Over hoe liefde zich soms niet toont in grote gebaren, maar in iets ogenschijnlijk eenvoudigs als zachtheid, geur en vriendelijkheid. In een sfeer, een gevoel, in de manier waarop iemand een thuis kan zijn voor een ander.
Een kind vraagt om aanwezigheid
Laatst hoorde ik een kind iets zeggen wat me niet meer losliet. Dat zijn moeder zo vaak op haar telefoon zit, dat ze hem soms niet hoort. En dat hij daar verdrietig en boos van wordt, omdat hij juist met haar wil spelen.
Die woorden bleven bij me. Juist omdat ze zo eenvoudig zijn, en tegelijk zoveel zeggen. Een kind vraagt niet om perfectie. Het vraagt om aanwezigheid. Om gezien te worden. Om samen te spelen.
Dat raakte me, omdat het zo veel blootlegt van deze tijd. Hoe gemakkelijk een scherm tussen mensen in kan komen te staan. Hoe vaak we denken dat we er nog wel zijn, terwijl we in werkelijkheid maar half aanwezig zijn. Niet uit onwil, maar uit gewoonte — uit drukte, uit werk, uit alles wat steeds om aandacht vraagt. En juist daarom is het goed om er steeds opnieuw bij stil te staan. Want in die kleine momenten gebeurt zoveel. Daar voelt een kind of het echt gezien wordt. Daar leert het: ik doe ertoe.
Over het innerlijke kind
Sâlt + Flor is ooit gestart vanuit verschillende lagen, maar een daarvan is heel duidelijk de liefde voor het innerlijke kind. Dat deel in ons dat nieuwsgierig is, speels is, open is. Dat wil ontdekken, maken, verzamelen, dwalen, voelen. Dat nog niet alles hoeft te verklaren. Dat klein geluk kan zien in iets eenvoudigs. En juist dat deel raakt in het volwassen leven zo vaak ondergesneeuwd: door haast, verantwoordelijkheden, verwachtingen en door het idee dat alles nuttig moet zijn of ergens toe moet leiden.
Terwijl ik steeds meer geloof dat het innerlijke kind geen bijzaak is. Het is een levend deel van onszelf dat aandacht nodig heeft. Niet om kinderachtig te blijven, maar om open te blijven. Om niet helemaal dicht te slibben. Om ruimte te houden voor lichtheid, verbeelding, verwondering en troost.
Hoe houd je je innerlijke kind wakker?
Misschien wel door te blijven spelen.
Wat spel ons laat zien
Vanuit mijn opleiding in de Kerntalentenmethode heb ik geleerd hoe belangrijk intrinsieke motivatie is, en dat ieder kind zijn eigen unieke talenten in zich draagt. Ook daarin zie ik spel steeds weer terug. Als je goed kijkt naar hoe een kind speelt, zie je iets wezenlijks: waar de energie vanzelf naartoe gaat, waar nieuwsgierigheid en plezier zitten, en waar concentratie bijna moeiteloos ontstaat.
Het ene kind bouwt hele steden van lego. Het andere kind knutselt, speelt met poppen, voetbalt, skeelert of springt op de trampoline. In het water, in het zand, met takken, linten, stenen of karton: overal kun je spelen. En eigenlijk heb je er zo weinig voor nodig. Vooral tijd. Ruimte. Aandacht.
Reggio Emilia
De Reggio Emilia-filosofie heeft mij daarin ook diep geraakt. Ik vind het nog steeds prachtig om te zien hoe er vanuit die visie naar kinderen wordt gekeken. Niet als iets wat nog gevormd moet worden, maar als iemand die al zoveel in zich draagt. Een kind als een mens met verbeelding, taal, gevoeligheid en een eigen manier van kijken. Door echt te kijken naar spel, kom je dichter bij wie een kind is en wat het beweegt.
Onze kinderen dragen allemaal iets eigens in zich. Talent. Verlangen. Richting. En juist door aanwezig te zijn bij hun spel, komen wij zelf ook dichter bij het moment. We vertragen, kijken beter en luisteren anders.
Kijk jij wel eens heel bewust naar je kind als het aan het spelen is? Wat motiveert hem of haar? Waar gaat de aandacht vanzelf naartoe? Waar verschijnt vreugde zonder dat iemand daarom heeft gevraagd?
En misschien nog wel een laag dieper: denk jij zelf nog wel eens aan wat jij graag deed als kind? Waar kon jij helemaal in verdwijnen? Wat maakte dat je de tijd vergat? Wat gaf je een gevoel van vrijheid, van fantasie, van openheid?
Misschien is spelen het toverwoord
Spelen klinkt soms klein of vrijblijvend, maar is dat helemaal niet. Het is een manier van aanwezig zijn. Een manier van ontdekken zonder dat iets meteen hoeft te presteren. Het gaat over iets doen zonder direct doel, alleen omdat het vreugde brengt. Tekenen. Iets maken met je handen. Een spel verzinnen. Buiten zijn. Schelpen rapen. Bloemen plukken. Verhalen bedenken. Een kaart schrijven. Iets bewaren omdat het mooi is. Lachen om iets onzinnigs. Tijd verliezen. Verwonderd raken. Het innerlijke kind leeft niet van haast, maar van aandacht.
En misschien is dat ook wat we als moeder wakker mogen houden bij onze kinderen. Niet alleen door voor hen te zorgen, maar ook door ruimte te maken voor spel. Dat vraagt soms dat we niet alles dicht organiseren, niet meteen sturen, maar meebewegen. Dat we hun verbeelding serieus nemen, samen iets maken en naar buiten gaan zonder plan. Dat we niet alleen vragen wat nuttig is, maar ook wat mooi is, wat fijn voelt, wat plezier geeft. En dat we als moeder niet alleen degene zijn die regelt en draagt, maar ook degene die mee kan gaan in lichtheid.
Niet alleen beschermen en begeleiden, maar ook helpen herinneren dat het leven niet uitsluitend bestaat uit moeten, presteren of doorgaan. Dat er ook gespeeld mag worden. Dat zachtheid niet zwak is. Dat geur herinneringen bewaart. Dat liefde vaak zit in kleine dingen die een kind een leven lang meeneemt.
Mooie wijsheden die blijven
Als ik nu terugdenk aan de woorden van mijn moeder, hoor ik er dus eigenlijk een hele wereld in. Mama’s moeten lief zijn, zacht zijn en lekker ruiken. Niet omdat een moeder perfect moet zijn. Niet omdat moederschap in één zin te vangen is. Maar omdat er in die woorden een verlangen schuilt naar iets wat ieder kind nodig heeft: geborgenheid, troost, vertrouwdheid, liefde. Een plek waar je mag landen. Een plek waar je voelt: wat er ook gebeurt, er is iemand die er voor mij is.
En misschien is dat uiteindelijk ook wat we doorgeven.
Niet alleen aan onze kinderen, maar ook aan onszelf.
De zachtheid om te blijven voelen.
De liefde om te blijven dragen.
En de speelsheid om het innerlijke kind wakker te houden.
Misschien is spelen wel het toverwoord.
Voor kinderen, maar net zo goed voor onszelf.
Misschien is dat ook waarom deze woorden van Fellini me altijd zijn bijgebleven:
“No matter what happens, always keep your childhood innocence. It’s the most important thing.”
— Federico Fellini
En misschien is dat ook waarom de woorden van mijn moeder nog altijd zo in mij doorklinken:
Mama’s moeten lief zijn, zacht zijn en lekker ruiken.
Dit alles ligt ook aan de basis van Sâlt + Flor en van het kaartendeck Slow Down and Play Awhile. Het ontstond vanuit het verlangen om weer vaker echt samen te zijn. Om te spelen, te vertragen en aandacht te hebben voor wat er tussen mensen leeft.